SCHRIJFACTIVITEIT: CURSIEFJE

Bij een cursiefje verwachten wij een korte tekst, vaak geschreven in de ik-vorm, met gebruik van eenvoudige taal, die echter door de taalhumor vaak verrassend en origineel wordt. Het cursiefje vertelt iets over de dagelijkse realiteit, waarmee verbeeldingselementen worden vermengd, heeft een humoristisch-luchtige toon, vaak gecombineerd met een droefgeestige ondertoon, relativeert de realiteit en verzacht de problemen. Maximaal 750 woorden.

Klik voor meer schrijfactiviteiten in het menu op SCHRIJFACTIVITEITEN.

Sprokkel

Publicatie: 06.01.2022 | Lieven Vandekerckhove

Ik weet niet waar hij vandaan kwam, maar zekere dag was hij daar. En hij is gebleven, tegen mijn zin. Want je mag dan wel al enig plezier beleven aan honds gezelschap, er zijn verdomd ook veel narigheden mee verbonden. Maar daarvan wilde Hellen niet horen. Bovendien had ze al haar spaarcenten uitgegeven om dat mormel in huis te halen, het verlangen moet groot geweest zijn. Dat heb ik pas met vertraging vernomen, want toen ik voor de eerste keer met de nieuwe gezinsuitbreiding geconfronteerd werd, klonk het helemaal anders: Sprokkel was slechts voor een paar weken bij ons op hotel. Baasje was met vakantie, en na de vakantie zou Sprokkel weer naar huis gebracht worden. De twee weken werden er evenwel drie, drie werden er vier, en zo ging het geruisloos verder. Elke navraag naar de afspraak over de terugkeer van Sprokkel werd handig afgeblokt. Zo zou de waarheid langzaam tot mij kunnen doordringen, en zo ook zouden wij beiden, Sprokkel en ik, best wel aan elkaar kunnen wennen. Zo geschiedde ook.

Ik moet toegeven, mijn dochter heeft er alles aan gedaan om het beest maximaal te socialiseren. Ze leerde hem dat hij zijn gevoeg in de tuin moest doen, en dat, als hij de aandrang daartoe binnenshuis voelde, hij ons daarvoor tijdig een signaal diende te geven. Ze leerde hem op de achterste poten te gaan staan en met de voorpoten de deurkruk naar beneden duwen als hij vanuit de lager gelegen tuin de trap kwam opgelopen en door de achterdeur weer naar binnen wilde. Doch het mooiste was, dat ze hem ook nog eens leerde om zich daarna om te draaien, en met eenzelfde sprong de deur weer in het slot te duwen. Zo diende niet telkens één van ons recht te staan om achter het gat van meneer de deur te sluiten en zo de warmte binnen te houden. Een magistraal trucje, waarmee we naderhand allemaal graag uitpakten. Maar eens dat trucje geleerd, begon Sprokkel ook andere deuren in huis op die manier te openen en te sluiten (zelfs de kelderdeur wist hij vanop de keldertrap op die manier te openen), met het minder fraaie gevolg dat zijn lange nagels gestaag van al die deuren de verf afschraapten. Kom maar eens kijken.

Ze leerde hem te wachten om toe te happen als hem iets lekkers werd voorgehouden, in plaats van het bliksemsnel uit de hand te snakken. Een discipline die tot haar ongenoegen door haar broers weleens op de spits werd gedreven, als zij Sprokkel een stuk chocolade voorhielden en hem een eeuwigheid lang met dreigende commando´s ervan weerhielden om toe te happen. Dan ging zijn kop wat scheef staan, en keek hij met smekende ogen de rekels aan, die evenwel pas toegaven als de sukkel eerst goed was gaan kwijlen.

Veel ruimte om te ravotten had Sprokkel niet. Binnenshuis was daarvoor sowieso geen plaats, en de tuin waarin hij naar believen kon vermeien, was ook al niet van de grootste. Maar zijn energie moest dat beest toch ergens kwijt. Daarom namen de kinderen hem geregeld aan de leiband mee als ze gingen fietsen. Niet zonder gevaar, maar daar zagen zij geen graten in. Afgejakkerd kwam hij dan thuis, hijgend van jewelste. Doch een échte snelheidsduivel werd hij pas als we hem ´s zondags meenamen naar het bos en hem onvermoeibaar lieten spurten achter een tak aan, die we zo ver mogelijk vóór ons uit wierpen. Als een volleerd circusdier bracht hij die tak al even snel terug, legde hem neer vóór de voeten van zijn speelkameraad, en stond al meteen weer op de uitkijk voor de volgende spurt. En toch kwam hij daarmee niet genoeg aan zijn trekken. Op de meest onvoorspelbare momenten kon hij ook thuis het zot krijgen. Dan draaide hij als gek rondjes in de tuin, of hij attaqueerde met de voorste poten het grasperk, dat hij in de kortste kere tot een maanlandschap wist te herscheppen. Ik verbeet het eerst, maar leerde berusten.

Moeilijker had ik het met zijn systematische miskenning van het verbod om het salon te betreden. Want eenmaal daar binnen, ging hij zich languit op de lederen couch leggen. Aanvankelijk had niemand daar bezwaar tegen, doch na verloop van tijd bleek dat het gekras van zijn nagels het leder behoorlijk ruw maakte, en dat daarenboven zijn vochtige snuit er steeds donkerder vlekken op naliet. Het salon werd daarom verboden terrein voor Sprokkel, en dat wist hij verdraaid zeer goed. Maar de bekoring was vaak te groot, misschien ook omdat het daar in de zomer altijd een paar graden koeler was dan elders in huis. Het mooie was dan wel, dat hij daar dan lag te genieten in het volle besef van zijn ongehoorzaamheid. Immers, als onverwacht iemand binnenkwam, en hij zich op heterdaad betrapt voelde, sprong hij als de bliksem recht en haastte zich via de tussendeur naar de keuken. Daar wachtte hij met weggedraaide kop op de resem krachtwoorden, die hij op zich wist afkomen.

Probleem van eerste orde was ieder jaar opnieuw: wát met Sprokkel als we met vakantie gaan? Want voor zo een beest was er in de wagen geen plaats meer. Het was weer eens Hellens opgave om voor Sprokkel een onderkomen te zoeken, en op die éne keer na slaagde ze er ieder jaar in om Sprokkel bij deze of gene vriendin te deponeren. Die éne keer echter bleek enkel de kennel nog een uitweg te bieden. Ik was er wel wat nukkig om, omdat de vakantie al genoeg geld kostte zonder dat we ook nog de hond op hotel moesten sturen. Maar hij zou er gelukkig zijn, want een hondenhotel, dat moest toch het toppunt van verwenning worden? Drie weken, dat is lang als baasje zijn hond moet missen. Maar drie weken is een eeuwigheid als, omgekeerd, de hond zijn baasje moet missen. Toen we hem na de vakantie gingen ophalen, sprong hij van pure blijdschap wild in het rond, maar… zonder ook maar één geluid uit te brengen. Hij kon ten hoogste wat piepen, méér kwam er niet uit. Vanaf dag één had hij niet opgehouden te blaffen, tot zijn stembanden het begaven. Het heeft dagen geduurd vooraleer die weer op dreef kwamen, en hij weer met de sirene van een voorbijrijdende brandweer- of politiewagen kon mee loeien. En dat we voor die marteling nog moesten betalen ook! Het hondenhotel? Nooit nog, zwoeren we in koor.

Met geen mens heeft hij ooit in de clinch gelegen, maar kleine hondjes werkten op hem als een rode lap op een stier. Op straat hielden we hem dus maar beter stevig aan de lijn. Op een keer evenwel dat de voordeur openstond en hij een keffertje hoorde voorbijkomen, ontsnapte hij razendsnel, en in géén tijd stond hij op de stoep de poedel in zijn muil heen en weer te schudden. De eigenares schreeuwde moord en brand. Hellen ving op de bovenste verdieping de alarmkreten op en stormde naar beneden. Ze greep haar Sprokkel bij de achterpoten en trok hem achteruit, maar de loebas wilde niet lossen. Pas als het hem zelf zinde, liet hij de poedel weer lopen. Het vrouwtje was er het hart van in. Excuses konden haar woede niet stillen. ´s Anderendaags belde ze aan, en zonder veel woorden presenteerde ze de rekening van de dierenarts. Ik heb dan maar zonder veel woorden betaald.

Hij kon dus wel eens uithalen, onze Sprokkel, en ons op kosten jagen ook. Maar vijftien jaar lang is hij de trouwste vriend des huizes geweest. Vijftien jaar, dat is voor een hond van zijn kaliber niet weinig, zegt men. We hadden het eigenlijk niet goed in de gaten dat hij oud werd. Hij was wel wat trager geworden, maar ach, wie zoekt daar wat achter. Pas toen langs achter een vreemde uitstulping begon te groeien, werd duidelijk dat er iets ernstig loos was met hem. Ieder keek op zijn manier tegen het noodlot aan. Hellen verwende hem méér dan ooit. Ze waste hem vaker, want hij had er zienderogen plezier in, met een warm zeepsopje ingewreven te worden. Ze kamde hem te pas en te onpas. En ze verzorgde het uitsteeksel dat etterde onder zijn staart. Héél lang kon het toen niet meer duren.

* * *

Aan iedereen die erbij was en aan iedereen die er niet bij was.

 

Maandagavond om 20:30 h (op internationale dierendag) heeft Sprokkel een spuitje gekregen. Het was vreselijk, hij had naast ons gezeten terwijl we aten, alsof er niets aan de hand was. Hij was echt super content, geen flauw vermoeden van wat er te gebeuren stond. We gaven hem nog een stukje kalkoen, en hij was echt super goed. De laatste dagen echter was hij steeds maar alleen gaan liggen, de vliegen kwamen eieren leggen op zijn wonde, hij zou misschien in zijn eigen van alles en nog wat moeten liggen, dat ging dus echt niet. Hij heeft alleszins schitterende laatste dagen beleefd, voortdurend aandacht, en maandag was mama nog de hele de dag in zijn buurt. Ze heeft hem in haar armen naar buiten gedragen en in het zonnetje gelegd, terwijl ze wat in de tuin prutste. Tegen de avond hebben we hem samen binnengebracht. Naast ons aan tafel mogen liggen, leek de absolute topper. Ik heb hem de hele tijd geaaid. Hij zal echt niet begrepen hebben waarom we hem zo graag zagen. Was er het werk niet geweest, dan had mama het nog enkele dagen kunnen laten uitstellen. Maar hij zou het grootste deel van de tijd alleen geweest zijn, en wie weet wat hij nog zou meemaken.

En dan moest het gebeuren. De bel rinkelde, Sprokkel richtte benieuwd zijn kop op. De dierenarts ging naast hem staan, hij snuffelde aan haar knieën. Hij lag daar zo zelfvoldaan met iedereen rond hem. Toen kreeg hij een kalmeermiddel, waarvan hij helemaal slap werd, en enkele minuten later een overdosis slaapmiddel. Afschuwelijk om uit zo een levendige kop het leven moeten weghalen. Ik aaide hem, want hij wou echt blijven ademen, dat was niet lief om te zien. We hebben allemaal moeten wenen. Toen was de kaars uit. De dierenarts heeft hem meegenomen.

Voilà, ik heb het nu toch uitvoerig beschreven, dat was niet de bedoeling, een hond is maar een hond. Maar deze hond was natuurlijk niet zomaar een hond.

Ik heb nog een paar mooie foto´s en een kort filmpje.

Saluuuuuuuuuuuu,

Hellen.”

WAARDERING

HITS:

247

Enthousiast over deze inzending? Deel je enthousiasme op sociale media m.b.v. onderstaande buttons.

Commentaar en/of waardering voor dit artikel:

Iedere bezoeker (lid zijn is niet noodzakelijk) kan een waardering geven voor dit artikel! Schrijvers stellen je tips en opmerkingen op prijs.
06.01.22
Graag je feedback over de schrijfkwaliteit en schrijfstijl a.u.b.
Fijn verhaal om te lezen, Lieven, zelfs voor mij als niet-echt-een-hondenliefhebber.
Show more
0 van de 0 lezers vond deze review nuttig
06.01.22
Graag je feedback over de schrijfkwaliteit en schrijfstijl a.u.b.
Geweldig hoe jij humor en liefde aan de ene kant, en verdriet en pijn aan de andere kant hebt samengebracht tot deze prachtige ode aan jullie hond. Heel veel sterkte met jullie verlies enne Lieven: je eigen hond is nooit zomaar een hond, maar een viervoetig gezinslid wat een gezin veel plezier kan geven. Sprokkel zal altijd in je herinnering blijven leven.
Show more
0 van de 0 lezers vond deze review nuttig
  • lieven vandekerckhove 07.01.22
    Van harte dank voor je mooie commentaar, Annemarie. Het hele Sprokkel-verhaal ligt al lang achter ons, en je hebt helemaal gelijk: we hebben het nog regelmatig over hem, de liefste hond die men zich kan indenken. Onvergetelijk dus.
06.01.22
Graag je feedback over de schrijfkwaliteit en schrijfstijl a.u.b.
Wat een mooi eerbetoon aan Sprokkel.
Heel veel sterkte!
Show more
0 van de 0 lezers vond deze review nuttig
Naar boven

Ook meedoen aan een schrijfactiviteit? Meedoen is gratis. We publiceren je inzending voor minimaal 12 maanden. Meedoen is mogelijk door eerst in te loggen en dan bovenin de pagina op de rode balk te klikken. Nog geen lid? Aanmelden is gratis.