Klik hieronder op een van de mogelijkheden.

Asymptoot (verhaal)

Plaats:    Perron 1b, Dordrecht Centraal.
Tijd:       Twaalf uur.
Femme:  Fatale!

Daar staat ze. Vierentwintig karaats goudblonde haren die wapperen in de zengende zon, eindeloze benen en vormen die mijn vrije wil compleet wegzuigen. Haar amandelvormige kijkers lijken eens zo groot door de enorme vensters van haar bril. Kunstmatig toegevoegde onschuld in een Eye Wish montuur. Mijn God, hoe kan ik haar weerstaan? Deze vamp moét ik scoren.

Bij het roeren in haar perronkoffie belandt een spat op haar huid. Ze bijt onbewust zó sexy op haar onderlip dat mijn liezen kriebelen. Wringend met mijn bovenbenen probeer ik heimelijk mijn opkomende blijk van waardering door te schakelen naar een comfortabelere versnelling. Mijn dierlijke driften brullen om een plan. Een inwendig wezeltje fluistert het me gniffelend toe. Proppend stop ik mijn jaszak vol met servetten, terwijl ik mijn tekstregels binnensmonds oefen. Dan komt het moment suprême … Gaan!

‘Oeps! Oh, sorry mejuffrouw.’ Mijn hand schiet graaiend in mijn jaszak. ‘Hoe klunzig.’ Zacht dep ik de koffie van haar handrug, terwijl ze beduusd toekijkt. Ik draai haar hand en bestudeer de palm als een archeoloog die nieuwe hiërogliefen heeft ontdekt.
‘Fascinerend …’
‘Wat is er zo bijzonder?’ vraagt ze geïntrigeerd. Haar stem kietelt me.
‘Ik zie dat uw Mercuriuslijn een asymptoot vormt met uw Saturnuslijn …’ Met het ritme van een Oriënt-Express laat ik mijn basstem door haar gehoorgangen walsen. ‘Maar gelukkig zie ik de steenbokkeerspeer zich ertussen wringen.’ Ter demonstratie por ik mijn middelvinger in een willekeurige rimpel.
‘De steenbokkeer…wattes?’ Begoocheling druipt van haar gezicht. Het machtige gevoel haar bedwelmd te hebben met mysterie vermengt zich met verliefdheid.
‘Het symboliseert een sterke man die onverwachts in uw leven opduikt.’ Mijn vingertoppen strelen de fijne lijntjes.  ‘Het braillegedeelte geeft uw onderdrukte verlangens aan.’
‘Tja, eh … nou ik eh …’ Ze wrijft ongemakkelijk in haar nek.

Inmiddels bereid ik me voor op fase twee. Mijn mond gaat richting haar oorschelp en ik ruik haar subtiele parfum. In de verte komt een trein aanrijden. Haar trein! Het gekrijs van de piepende remmen snijdt ons moment aan flarden. Ze opent haar ogen en lijkt bruut uit een droom ontwaakt te zijn.
‘Sorry, ik moet ervandoor mijnheer,’ mompelt ze en maakt aanstalten om naar de opstapplaats te lopen. Mijn jachtinstinct wint het van de ratio. Ik pak haar pols met enige kracht beet. Ze stopt nog voor ze haar eerste stap zet en kijkt verbaasd om.
‘Ik heb u nog niet helemaal uit. Wat als ik u meeneem naar huis om verder te lezen? Ik lees graag in bed en …’
Ze rukt zich los. ‘Wat als ik u alvast een vinger geef?’ Ze neemt er één verleidelijk in haar mond en laat haar tong uitdagend over het topje dansen. Met een smakje beëindigt ze haar obscene show. Ik kijk haar even verward als opgewonden aan. Ze glimlacht fabelachtig wanneer haar middelvinger als een glimmende totem voor mijn gezicht oprijst.

Zo is het me op deze stralende dag opnieuw duidelijk geworden; mijn asymptoot met vrouwen blijft ononderbroken. En eigenlijk is het gewoon kloteweer.

© Erik van der Velden op .

Enthousiast over deze inzending? Deel je enthousiasme op sociale media m.b.v. onderstaande buttons.

Reacties:

Iedere bezoeker kan een reactie geven! Schrijvers stellen je tips en opmerkingen op prijs. Wil je automatisch een bericht ontvangen bij een reactie? Klik op de + boven de reacties.