Klik hieronder op een van de mogelijkheden.

Zijn huis

 

De hemel is net zo blauw als de dag waarop hij en Tirza gedwongen werden te vertrekken. Max zet zijn koffer neer en gaat even op een bankje zitten. Het is warm. Hij maakt de knopen van zijn jas los. De jas heeft hij van het Rode Kruis gekregen. Hij is een maat te klein, maar dat maakt Max niets uit. Dan voelt hij een hand op zijn schouder. Geschrokken draait hij zich om.
‘Max, je bent het echt. Wat ben ik blij je weer te zien.’ Het is Piet die hem aanspreekt. Een collega van de bank. ‘Ben je alleen. Waar is Tirza?’
Max schudt zijn hoofd. Piet weet zich duidelijk geen raad met zijn houding. ‘Het is warm, vind je niet?’ Hij vist een zakdoek uit zijn broekzak en dept zijn voorhoofd.
Max staat op. ‘Ik ga weer verder.’
‘Waar ga je heen,’ vraagt Piet. ‘Ik ga naar huis,’ antwoordt Max.
Ze nemen afscheid en Max vervolgt zijn weg.

Hij staat voor de deur van zijn huis als de voordeur open gaat. Zijn buurvrouw Netty wil net naar buiten gaan. Ze draagt de polkadot blouse van Tirza.
Ze herkent Max niet. Dat is niet zo verwonderlijk. Hij is twintig kilo lichter en zijn haar is helemaal grijs geworden.
‘Wie bent u,’ vraagt ze op bitse toon. ‘Netty, ik ben het, Max.’
Ze deinst geschrokken achteruit. Max loopt naar binnen.
Hij blijft stilstaan in de hal. Op de halmuur waar het portret van zijn grootvader hing ontwaart hij een opvallende vergeelde plek. ‘Waar is het portret van mijn grootvader gebleven, Netty?’
Netty grijpt nerveus naar haar hals. ‘We hebben veel moeten verkopen, Max. Er was niets meer te eten.’
Hij loopt de trap op naar boven. ‘Je kunt hier niet zomaar binnenvallen, Max. Ik ga Hendrik bellen.’Ze loopt naar de telefoon.

Max loopt naar zijn slaapkamer. Hij is moe, zo verschrikkelijk moe. Hij gaat op het bed liggen. De vertrouwde ouderwetse sprei die ze van zijn moeder hebben gekregen ligt er nog. Netty stormt de slaapkamer binnen. ‘Dit kan echt niet, Max. Ga van mijn bed af.’
‘Het is mijn bed, Netty. Mijn huis. Waarom gaan Hendrik en jij niet terug naar jullie eigen woning.’
‘Dat kan niet,’ schreeuwt Netty. Daar woont mijn broer nu met zijn gezin. Ze loopt nerveus heen en weer. ‘We komen er wel uit Max. We vinden wel nieuwe woonruimte voor je.’
Max komt langzaam overeind. ‘Mijn koffer staat nog beneden. Ik ga mijn spullen uitpakken.’

Hij loopt terug naar de trap. Netty volgt hem. Als ze achter hem staat, geeft ze hem een duw. Max valt voorover. Een schrille kreet weerkaatst in het trappenhuis.
Netty ziet dat zijn lichaam in een onnatuurlijke houding ligt. Ze slaat een hand voor haar mond. De voordeur gaat open en haar man Hendrik stapt naar binnen. Hij ziet het roerloze lichaam van een man onderaan de trap liggen. Netty begint te gillen. ‘Het was een ongeluk, Hendrik. Hij viel mij aan. Ik moest mij wel verweren.’

 

 

 
© Cory Craft op .

Enthousiast over deze inzending? Deel je enthousiasme op sociale media m.b.v. onderstaande buttons.

Reacties:

Iedere bezoeker kan een reactie geven! Schrijvers stellen je tips en opmerkingen op prijs. Wil je automatisch een bericht ontvangen bij een reactie? Klik op de + boven de reacties.
12.07.22
Graag je feedback over de schrijfkwaliteit en schrijfstijl van deze inzending.
Met plezier gelezen
Show more
0 van de 0 lezers vond deze review nuttig